Herken je dat? Door één woord 30 jaar teruggeworpen in de tijd?

MAX-magazine
Het is woensdag, druilerig en somber weer. Na twee weken onafgebroken zon en hitte een verademing. De nieuwe MAX-magazine valt op de mat. Op de voorpagina de high-lights, zoals in ‘MIJN LEVEN’ een verhaal over topadvocaat Jan-Hein Kuijpers. Interessant! Ook een puzzelmarathon van wel vijf pagina’s. Snel blader ik door naar ‘Vraag het Myrna’. Ook nu sta ik weer verbaasd over hoe zij in simpele woorden zulk een wijs advies geeft op soms best wel moeilijke (vaak familiaire) vragen. Bij het doorbladeren kom ik uit bij de tv-gids en zie dat de ‘De Slimste Mens’ er weer aankomt.

Foto mét flashback
Op de allerlaatste bladzijde staat ‘Ingelijst’, een verhaal achter een foto. Ditmaal een foto van Tom Okker met Johan Cruijff. Ik lees de tekst erbij en zie dan staan: “Johan nam me mee uit eten bij het wereldberoemde restaurant Los Caracoles.”

September 1988, Barcelona, Restaurant Los Caracoles
Het is september 1988, Barcelona, broeierig warm. We zijn ’s middags met de trein vanuit Tarragona aangekomen in Barcelona, na een bezoek aan Theo’s peetouders, Ome Leo en Tante To.
Bij de receptie van het hotel vragen we waar we die avond authentiek Spaans kunnen eten. Enthousiast verwijzen ze ons naar een heel speciaal restaurant. Maar de vraag is of er nog plaats is voor ons tweetjes? Zij bellen meteen en hebben geluk, de reservering is een feit.
Paar uur later wandelen we, na eerst over de Las Ramblas gekuierd te hebben want die moet je tenslotte gezien hebben, richting restaurant. We duiken een soort achterbuurt in. De straten zijn er smaller, de mensen staan voor hun huis op straat, druk pratend met de buren. Spaanser kan het bijna niet. We verstaan er alleen geen klap van. Met het adres in ons hand wandelen we verder.

Karakteristieke voorgevel
De geur van ronddraaiende kippen aan het spit komt ons tientallen meters voor het restaurant al tegemoet. We worden even in verwarring gebracht. Is het een kip-restaurant? Maar we zijn op de juiste plek, op de ronde hoekgevel staat met sierlijke smeedijzeren letters duidelijk te lezen ‘Caracoles’. Die naam zien we ook weer terug op de Spaanse keramieken tegeltjes naast de voordeur met daarboven het jaartal 1835 in het brons. We zien de deur openzwaaien. Koks lopen heen en weer, kippen gaan van het spit, nieuwe er weer aan, het zijn er veel, in de gauwigheid zien we zeker 30 stuks. Bij het naar binnen lopen komen we in een totaal andere wereld terecht.

Ruiken, horen en zien…
Nu ik alles herbeleef, ruik ik weer de geur van toen, die van de gegrilde kippen, de knoflookwalm, het pittige van de pepers, de gerookte geur van de vele hammen die aan het plafond hangen.
Ik hoor ook gelijk weer het sissen van het dichtschroeien van het vlees op de gril, het geroezemoes van de vele gasten om ons heen, het geluid van servies, klinkende glazen, het gekletter van bestek.
En al die ingelijste foto’s waar de muren vol mee hangen. Ik zie ze weer voor me. Op de ene foto een nog grotere bekendheid dan de andere. De sfeer van dit historisch restaurant, die van 1835, waart nog rond, het is alsof we ver terug de tijd in zijn geslingerd. Alles ziet er zo authentiek uit. Theo en ik kijken elkaar blij aan, voor ons gevoel zijn we in het Walhalla terecht gekomen. De avond kan niet meer stuk.

Wirwar van lokalen
We melden ons aan de desk waar een ober ons meeneemt, langs de keuken en drankuitgifte op, richting ons tafeltje. Het is er een drukte van belang, we volgen de goeie man en we passeren het ene vertrek na het andere, allen gevuld zijn met vele gasten, we komen ogen en oren tekort. In de laatste zaal mogen we eindelijk plaatsnemen. Het is moeilijk om een keuze uit het grote menu te maken. Uiteraard bestellen we de slakken, de caracoles, één van hun specialiteiten, vergezeld met een fles wijn van het Spaanse wijnhuis Torres. De avond kan voor ons niet lang genoeg duren. Zoveel indrukken, zoveel heerlijke smaken, zoveel verschillende talen om ons heen…

Temperamentvol
Bij het afscheid krijgen we nog een gesigneerde menukaart van de eigenaar mee.
Niet veel later lopen we voldaan, hand in hand, terug naar het hotel. Onderweg passeren we twee vrouwen die elkaar schreeuwend met Spaans temperament de haren invliegen, letterlijk. Direct komen er mensen omheen te staan. Wij lopen snel door. Eenmaal in de hotelkamer aangekomen, horen wij door de openstaande ramen, enthousiast gitaarmuziek, afkomstig van Las Ramblas. Laatste nacht Spanje, morgen vliegen we terug naar Nederland.

Sweet memories
Juli 2018, Siebengewald, 30 jaar later. Je ziet maar weer dat herinneringen blijven. Slechts een foto, een woord, en hopla er is weer een nieuw verhaal geboren…
Ga je binnenkort toevallig naar Barcelona? Dan kan ik Restaurant Los Caracoles zeker aanbevelen. En als je daar gegeten hebt, ben ik natuurlijk erg benieuwd naar jouw verhaal. Alvast een kijkje nemen in dat restaurant? Kijk dan op hun website: http://loscaracoles.es/ of hun facebookpagina: Loscaracoles

Lieve groet, querido saludo,
Anneliese

Advertenties

Heb jij voor mij een recept? Want…

Jaar in, jaar uit
Facebook herinnert me vandaag aan een post van twee jaar geleden. Zo een waarop ik vol trots mijn laatste inmaak laat zien.
Meteen maar even checken wat toen in de potten verdween. Oké, weinig verschil met wat ik nu inmaak. Kersen, zwarte bessen, rode aalbessen, witte bessen, frambozen… Zo zie ik dat alles zich herhaalt, jaar in jaar uit.
Het enige verschil zit hem wel in de weersomstandigheden, daar is geen peil op te trekken. Wat dacht je van: nachtvorst, droogte, overvloedige regen, hagel… Er kan in de maanden ervoor heel wat gebeuren!

Die kelder moet vol
Zo kan je jaren achtereen goede fruitoogsten hebben. Dan ben je hartstikke druk met het inmaken en krijgen alle potten een plekje in de kelder die alsmaar voller en voller wordt. Je zou dan haast denken ‘genoeg is genoeg’. Maar zoals ooit een wijs man tegen me zei: “Ik blijf alles elk jaar inmaken want volgend jaar kan het zo maar zijn dat er niks aan de bomen hangt…”
Met dat in mijn achterhoofd ben ik ook nu weer druk doende. Niet alleen om de kelder gevuld te krijgen, maar natuurlijk ook mijn winkeltje. Met allerlei lekkers en met liefst speciale combinaties.

Alles is handwerk
Als ik nu naar rechts kijk, zie ik op de plavuizen vloer naast mij vijf volle dozen staan, gevuld met jam, zoetzuur, sap en rozemarijn-olijfolie. Al deze potten en flessen wachten nu op stickers zodat ik ze later een plekje in de winkel kan geven. Maar voor het zover is moet ik wel even mijn wiskundeknobbel aanzetten.
‘Waar is dat nu weer goed voor’ hoor ik jullie nu denken.
Nou, op zo’n sticker komt naast wat er inzit ook de voedingswaarden op staan. En daar moet ik altijd mijn rekenmodule op los laten. De uitkomsten invoeren op de computer, waarna ik de stickers uitprint om ze uiteindelijk op pot of fles te plakken. Vervolgens vrolijk ik die verder op met de ‘Opgeweckt Genieten’-stickers. Als laatste plak ik er dan nog een ‘tenminste houdbaar tot’ stickertje bij. Dat zijn best veel handelingen voor zoiets de winkel in verdwijnt. Maar ja, dan heb je ook wat!!!

Witte bessen? Zijn die lekker dan?
Afgelopen weekend zat ik gezellig met de buurt bij elkaar. De gespreksonderwerpen waren bijna voor de hand liggend. Eerst bijkletsen over het noodweer van een maand geleden, waarna de laatste nieuwtjes aan bod kwamen. Geleidelijk splitste de groep zich op. De meeste mannen bekommerden zich daarna vooral om de voetbalwedstrijd Brazilië – België. De meeste vrouwen over hun tuinen, het fruit, de oogsten. En uiteraard kregen we het ook over recepten. Een daarvan wil ik graag met jullie delen, gewoon omdat het resultaat zo heerlijk is. En omdat mensen vaak denken: ‘wat moet ik toch met die witte bessen?’ De witte bes is namelijk best onbekend en daardoor ook onbemind. ‘Zuur, klein, plakhanden, veel suiker nodig, ze zien er zo glazig uit..’, om maar even wat te noemen.

Voorbereiden
Oké, bessen plukken, ontdoen van steeltjes en blaadjes, wassen, met aanhangend vocht opzetten in een kookpan, even laten doorkoken, door een passe-vite (roerzeef) draaien, gepureerde massa opvangen en afwegen.
Verder heb je geleisuiker (1 : 2) en blaadjes van de citroenverbena nodig. Die laatste snij je heel fijn.

Komt ie, doen jullie mee?
Afhankelijk van de hoeveelheid witte bessenpuree weeg je de geleisuiker af. Je kookt de witte bessen weer op en voegt de geleisuiker, als de massa begint te koken, toe. Goed doorroeren zodat de suiker helemaal oplost. Als deze weer begint te koken vuur laag zetten om na één minuut de fijngesneden citroenverbena toe te voegen. Roer dit goed door en haal de pan van het vuur. De jam is klaar en kan nu de schoongemaakte potten in. Deksels er op, stevig aandraaien en de potten op z’n kop wegzetten, op een handdoek. Na een dikke vijf minuten mag je ze weer rechtop zetten. En dan moeten jullie wachten tot de jam is afgekoeld en opgestijfd. Daarna mogen jullie aanvallen. Ik ben benieuwd naar jullie potjes met witte aalbessenjam. Ik vind deze zo heerlijk, een zalfie zou Theo zeggen. Heel smeuïg, niet te zoet, fris van smaak door bes en citroenverbena, héééééél lekker…

Snoep ze, lieve groet,
Anneliese

 

Wat een kloothommel…

Een echt dierenparadijs
Terwijl ik het gras rondom de vijver maai, kijk ik om me heen. Naar alles wat fladdert, hupt, kruipt, zwemt. Het is een flinke beestenboel daar, een waar dierenparadijs.
Ik kijk tijdens het langs op rijden hoe het met het jacobskruiskruid gaat. Of ze al helemaal zijn opgevreten door de zebrarupsen. Nou, zo te zien scheelt het niet veel, bijna alleen maar kale takken sieren het pad.

Pas op!
In de hoogste versnelling draai ik, zittend op de grasmaaier, met een zwier het eilandje op. Automatisch zeggen mijn hersenen ‘pas op’. Door de familie is dat mij tenslotte keer op keer ingepeperd. ‘Pas op bij de waterkant, da’s gevaarlijk!’ Ze zijn bang dat als ik te kort langs de waterkant op rij zomaar de vijver indonder, met machine en al…

Afijn, ik rij het eilandje op en trap plots hard op de rem. Ik sta stil voor een vers gegraven gat, één dag eerder zat het daar nog niet. Welk beest zou hier nu weer debet aan zijn?

Flink veel vliegverkeer
Boven het gat zie ik van alles vliegen. Het zoemgeluid komt me tegemoet. Zijn het wespen? Nee, daar zijn ze te dik voor. Het zijn hommels! En waarom zitten ze in dat gat. Wie heeft dat gemaakt? De hommels? Ik schuif de takken van de blauwe korenbloem weg om het van dichtbij eens goed te bekijken. Terwijl ik dat zo bestudeer denk ik aan Sherlock Holmes. (zie mijn vorige blog!) Die hulplijn zal ik straks maar eens inschakelen.

Een verrassend gesprek
Vervolgens komt er een leerzaam en grappig dialoog op gang.
“Mag ik je even storen. Ik heb weer eens wat ontdekt. Een hommelnest, in de grond, bij de vijver!”
“Dat kan, dat komt vaker voor.”
“En het nest zit een groot uitgegraven gat. Hoe hebben ze dat gedaan?”
“Niet.”
“Wie dan?”
“Een das.”
“Wat zeg je me nou, een das? Een das hier bij mij op het terrein? Het moet niet gekker worden!”
“Annelies, je moest eens weten wat er ’s nachts allemaal bij jou buiten gebeurt, haha.”
“Maar wat doet een das nou hier op het terrein?”
“Die ‘schuupen rond’, vooral ’s nachts, op zoek naar eten. Die das gebruikt zijn neus en zijn instinct. Bij zo’n hommelnest aangekomen, wroet hij dat helemaal open, genietend van het hommelbroed én de honing. De hommels over hun toeren achterlatend.”
“Oké, een das, het zal wel. Die leven toch in een burcht? Is er hier dan één in de buurt?”
“Een? Er zijn er voor zover ik weet zelfs twee, één op de Flierayseweg en één bij de visvijver.”
“Joh, ik ben er stil van, ik leer weer veel van je!”

Na een korte pauze hervat ik ons gesprek.
“Het zijn trouwens kleine hommels. Ik zie ze vooral rondvliegen boven het gras waarin de bloeiende klaverplanten zitten.”
“Ja, dat zijn de harde werkers. Jammer voor ze dat er een das in buurt is…”
Hierna beëindig ik het gesprek.
“Bedankt voor alle info, enne, het ga je goed!”
“Ja, en als je weer iets tegenkomt kan je me altijd bellen. Doen hè? Groetjes.”

Wat een locatie!
Even daarna zit ik nog na te genieten van alle nieuwe informatie. Wat een mooie natuur heb ik hier toch om me heen. Ik hoef alleen maar mijn ogen en oren open te houden en genieten van wat ik zie…

En die das? Ik vind het wel een kloothommel, jullie ook?!?!

Lieve groet,
Anneliese.

24 juni, een speciale datum…

Zondag 24 juni 2018
Terwijl ik met de familie van Theo en die van mij bij elkaar zit en geniet van thee, koffie en appeltaart kwebbelen de broers, zus, zwagers en schoonzussen er lustig op los. Glimlachend bekijk ik dat tafereel, heerlijk om iedereen zo relaxed te zien. Ondanks dat 24 juni is, dat ik morgen pas jarig ben, voel ik me best jarig. Denkend aan deze datum dwalen mijn gedachten af naar andere ’24 juni-s’. Grappige, droevige, confronterende, toekomstgerichte en feestelijke. Die wil ik graag met jullie delen…

24 juni 1988
Het is vrijdagavond, 23 uur, we zijn net klaar met opruimen, koelkasten aangevuld, bestellijsten gemaakt. De laatste afwas van het restaurant is ook al weggewerkt en we gaan met een zucht zitten.
Theo een glas wijn aanreikend zeg ik peinzend tegen hem: “Nou jongen, morgen drie nul, t’is wat hè?!”
“Ja meissie, dat zou mooi zijn, 3-0!”
Terwijl ik het over mijn verjaardag had, zat Theo bij het voetbal.
De volgende dag, 25 juni 1988, werd Nederland Europees Kampioen (met 2-0) en ik 30 jaar oud…

24 juni 2011
We zitten beiden op de rand van een ziekenhuisbed te wachten op de internist. Hij zou ons de uitslag geven van alle onderzoeken. Theo was ziek. Hij had veel pijn en wilde beginnen aan de behandeling om daarna weer thuis aan de slag te kunnen. Maar de arts bracht ons het meest slechte scenario dat er we konden bedenken. Verslagen reden we even later terug naar huis. ’s Avonds in bed hoorden we de kerkklok 12 uur slaan. Heel verdrietig zei Theo dat hij geen cadeau voor me had gekocht.
“Ach jongen,” zei ik daarop, “Je ligt lekker naast me, in ons eigen bed, dat is voor nu voor mij het mooiste en grootste cadeau…”

24 juni 2015
Opkrabbelend van mijn rouw-burn-out belandde ik met pijnlijke benen in het Maasziekenhuis. In de maanden ervoor was ik reeds tot de conclusie gekomen dat de tijd rijp was om de Hoeve in de verkoop te zetten. Wachtend op de specialist doodde ik mijn tijd met het maken van notities over het nieuwe toekomstige huis. Hoe zag ik de keuken voor me, of de woonkamer? Met of zonder winkeltje? Met of zonder tuin…?
Eén uur later stuurde de arts mij met steunkousen, een vervroegd verjaardagscadeau zullen we maar zeggen, het ziekenhuis uit. Voor mij was een ding zeker: in het nieuwe huis moest ik zeker rekening houden met mijn ‘oude dag’!

24 juni 2016
Weer een jaar verder werden de plannen van 2015 omgezet in daden. Op deze bewuste dag stond de makelaar op de stoep, met twee grote borden onder zijn arm. Hierop stond met koeienletters stond: TE KOOP. Maar ook een super mooie foto van De Hoeve. Die mochten gezien worden! Voor mij voelden ze dan ook aan als een geschenk uit de hemel. De volgende dag werd door familie met ferme slagen, op iedere hoek aan de straatzijde, grote palen met daarop de chique borden, in de grond geslagen. Dat was een grote stap!

24 juni 2018
Ik knipper met mijn ogen en ben weer terug op mijn feestje, realiseer me dat ‘24 juni’ door de jaren heen voor mij toch wel een dag met vele gezichten is geworden. En nu gaan we genieten van deze dag. 2018 is voor mij een kroonjaar, straks mag ik 60 kaarsjes uitblazen! Het liefst wil ik alles wat door mijn hoofd flitste opschrijven maar daar is nu geen tijd voor. We gaan met z’n allen aan de mini-golf, in Schaijk, dichtbij de plek waar ik 60 jaar geleden ben geboren.

Als laatste wil ik met jullie nog één mooie herinnering, een muzikale, ophalen
Ik ga terug naar de beginjaren ’80, toen wij nog in Schaijk op de Lange Spruit woonden. Daar draaiden we toentertijd graag lp’s op onze pick-up. (CD en DVD bestonden nog niet)
Op onze beide verjaardagen werd altijd speciaal de lp ‘Simply the best’ van Lee Towers voor de dag gehaald. Dan legden wij die op de B-kant op de draaischijf, plaatsten dan vervolgens voorzichtig de naald op de vinylplaat voor het allerlaatste nummer. Uit de geluidsboxen hoorden we dan eerst dat typisch ietwat krassende geluid, wat dan overging in een zachte ruis. Even later schalde dan de stem van Lee Towers door de woonkamer, met deze woorden.

“There’s a special day for everyone.
That comes but once a year.
And for you, my love, that day of days is here.
So have a happy birthday baby.
May all your dreams come true…

Wil je hem helemaal horen? Klik dan op deze link: https://binged.it/2KaWH9g

Ik heb hem intussen alweer minstens acht keer gedraaid, gewoon via mijn telefoon. Natuurlijk voluit meegezongen, meegedeind, en dat in gedachten samen met Theo…

Lieve groet,
Anneliese

 

De rust keert langzaam terug

Hersenspinsels
Het is hoog tijd voor een nieuwe blog. Alleen, waar begin ik? Nu hoor ik jullie al zeggen: “Bij het begin”. Tuurlijk, maar er is de laatste weken zoveel gebeurd, en ik wil niet van hot naar her schieten.

De hele bliksem door de bliksem naar de bliksem…
Langzaamaan krabbelen we in Siebengewald weer op, komen we uit onze cocon tevoorschijn. In mijn omgeving, hier in het buitengebied, laat de een na de ander weten dat ie weer internet heeft, dat ie via de vaste telefoon weer bereikbaar is. Nog niet iedereen maar het begin is er. Het noodweer van 29 mei jl. heeft naast de grote schades ín het centrum van het dorp, ook er omheen flink ingehakt. Daar heb ik in mijn vorige blog al over geschreven. Over het onnoemelijk zware onweer, de onvoorstelbare heftige klappen, de enorme elektrische ontladingen.

Siebengewald???
Gelukkig kunnen we op Facebook daar allen ons ei op kwijt. Het viel me wel op dat het bij de andere media zo stil bleef. Zo stond de volgende dag, woensdag 30 mei, in Dagblad de Limburger dat de Niersstraat blank stond. Aan Siebengewald werd geen woord gespendeerd. Om een totaal andere reden besteedde Dagblad de Gelderlander een paar dagen later wél aandacht aan Siebengewald. Maar jongens, waarom kijken jullie niet eerst even in de Bosatlas? Hun omschrijving: ‘Het dorp Siebengewald ligt net over de grens in Duitsland, ter hoogte van Boxmeer.’
Lees ik dat goed? Duitsland? “Jawohl, das war vor zwei hundert Jarhren!”

Momfer de Mol (Fabeltjeskrant) is héél druk
Intussen doen KPN, Ziggo en Telecom hun stinkende best om alles weer aan de praat te krijgen. Overal zie je grote molshopen verschijnen waar je hen ziet induiken om nieuwe lassen in de koperaansluitingen c.q. grondkabels te maken. En nu, na 15 dagen heb ook ik eindelijk weer telefoon en internet. Hoera!

Verslaafd
Wat me het meest blij maakt is dat de tv het weer doet. Overdag luister ik tijdens het werk beneden altijd naar de radio, NPO5. Maar zo tegen de avond, als ik mijn avondeten klaar maak, begint het te kriebelen. Dan gaat de radio uit en ga ik naar boven, naar de woonkamer. Voorheen was dat het moment dat ik mijn eerste sigaret van de dag opstak. Maar nu, al bijna 9 maanden rookvrij, is die verslaving over. Ik blijk nog een andere te hebben, die van ‘kassiekijken’. Geen tv kijken maakte me onrustig, ik kreeg zelfs een soort van afkickverschijnselen.

Fijn dat er dvd’s zijn
Terwijl ik iets wat negatief is altijd wil omzetten naar iets positiefs, lukte het me dit keer niet. Ik heb een paar hele mooie boeken liggen, gekregen met het 20-jarig bestaan, maar ik had geen rust in mijn kont om daar eens goed voor te gaan zitten. Ik had ook op mijn computer op Word verder kunnen schrijven aan mijn nieuwe boek, maar ook dát lukte niet. Ondertussen viel ik mijn familie lastig met appjes over de laatste toestand, wat in feite elke keer inhield dat ik nog steeds niets had. Totdat mijn zwager vroeg of ik een dvd-speler had.
Yes! Ik aan de Harry Potterfilms. Niet mijn favoriet, maar er was ineens weer leven in de brouwerij, er was reuring om me heen, het alleen-zijn voelde ineens weer goed.

Té stil
En daarmee raak ik meteen een gevoelige plek: het alleen zijn, de eenzaamheid. Mijn moeder roept altijd: “Als de tv het maar blijft doen, die kan ik niet missen.” En dat vind ik logisch, dat hoort bij oude mensen.
Maar hoor ik met mijn (bijna) 60 jaar óók bij de oude mensen?
Gelukkig hoef ik me over dat vraagstuk niet meer druk te maken, de tv doet het weer. Met mijn pootjes omhoog, grote pot thee voor mijn neus, afstandsbediening onder handbereik, dan kan de avond niet meer stuk.

Acclimatiseren
Zo ook gisteravond. Echter voordat ik me voor de tv installeerde, moest even mijn koppie leeg, de vele indrukken van de afgelopen dagen eerst een plaatsje geven. Ik was namelijk de laatste dagen te vinden in Boxmeer, in het nieuwe Afscheidshuis van Goemans Uitvaartzorg. Afgelopen donderdag was de officiële opening met vervolgens twee Open Dagen, op zaterdag en zondag. Iedereen was welkom om binnen te lopen, om rond te kijken, een praatje te maken met een van de uitvaarverzorgers. Héél laagdrempelig. Tijdens die dagen mocht ik daar met mijn boek ‘Was er maar een recept voor rouwen’ een klein onderdeeltje van zijn. Samen proberen het taboe ‘dood’ bespreekbaar te maken.

Titel
Al bladerend door het boek kwamen vele gesprekken los. Die vlogen alle kanten op, van heel indringend tot heel luchtig, van heel empathisch tot heel afstandelijk. Zo zag ik dat rouw voor ieder mens anders. Na deze dagen ben ik nog steeds blij met de titel van mijn boek, ik had geen betere kunnen bedenken…

Lieve groet,
Anneliese

Ik moet wat bekennen…

Alarmnummer
Afgelopen dinsdag, 29 mei, heb ik het alarmnummer 112 gebeld. En dat terwijl er geen levensbedreigende situatie was. Foei! Maar voor mijn gevoel moest ik iets ondernemen. Om mijn angst te onderdrukken. En 112 vond ik op dat moment het enige juiste. En natuurlijk konden ze mij niet helpen, dat wist ik wel. Na mijn excuses gemaakt te hebben, hing ik weer op.

Noodweer
Die bewuste dinsdag brak ‘s avonds boven Siebengewald noodweer uit. Wat begon met gerommel in de verte en donkere donderwolken ontaardde zich in een niet te beschrijven situatie. De ene klap volgde op de ander, in een vlot tempo. De geluidsknop werd omhoog geschoven. Het goot, het donderde, het bliksemde. Totdat de spanning zo hoog opgebouwd was dat de elektriciteit in heel Siebengewald eruit knalde. Aardlekschakelaars begaven het, brand in twee huizen, bomen om, schoorstenen die naar beneden kwamen, contactdozen die ontploften. Elk huis had een verhaal. Zo ook bij mij. Ik bleef de spanning voelen en horen in het huis. Heel beangstigend. Daarom ook mijn noodkreet richting 112.

Bommen
Zoals ik al aangaf was het geluid van de knallen oorverdovend. Aan wie het de volgende dag wilde horen, vertelde ik over de bommenregen die over Siebengewald was neergedaald. Alsof ik midden in een oorlogssituatie was beland, niet normaal.

Terug in de tijd
Daarbij gingen mijn gedachten automatisch terug naar die nacht in Schaijk, in de jaren 80, toen bij een heftig onweer de bliksem in een grote antenne tussen ons huis en dat van mijn ouders insloeg.

Binnenvetter
Mijn vader, tijdens de oorlog tewerkgesteld in Duitsland, herbeleefde na die bewuste nacht weer alles. Verdrongen trauma’s kwamen naar boven, trauma’s die hoognodig verwerkt moesten worden. Vanaf dat moment kregen wij, zijn gezin, voor het eerst een inkijkje van zijn jaren, tijdens de 2e wereldoorlog, in Warbeyen. Daar wonend en werkend als melkmeester bij heerboer Van der Sandt.

Vooral de laatste zeven maanden van de oorlog waren voor hem daar een hel. Constant bombardementen, door de geallieerden op Duitsland, waar hij tussenin zat. Iedere dag vlogen de granaatscherven hem om de oren, noodgedwongen moest hij veel tijd doorbrengen in schuilkelder of langs de weilanden in de diepe sloten.

Bevrijding
Thuis, in het Brabantse Schaijk, waren ze september 1944 al bevrijd. Maar dan komt ook voor hem de bevrijding, in Warbeyen, in zicht.
De Duitsers, die aanvoelden dat ze aan het verliezen waren, staken in nood de dijken van de rivier de Rijn door. Hierdoor kwam de boerderij van Van der Sandt onder water te staan. Om dit te overleven vluchtte pap naar de hooizolder. Toen later de geallieerden met hun amfibievoertuigen de boerderij omsingelden, ontsnapte pap (met zijn hele hebben en houwen) aan de Duitsers en ging met de Engelse soldaten mee. Voordat ze echter op de verzamelplaats midden in Warbeyen aankwamen, werden zij door Duitse sluipschutters beschoten. Voor paps ogen kwamen toen Engelse soldaten om. Twee nachten heeft hij daarna nog tussen de bevrijders geslapen voordat zij hem, met enkele andere Nederlanders, naar de Nederlandse grens brachten. Van de Engelse soldaten, ‘Allied Expeditionary Force, 4D F.S. Section’, kreeg hij toen een tijdelijke pas.

Beetje bij beetje
5 maart 1945 kwam pap aan in Nijmegen waar hij meteen op zoek ging naar zijn broer Jan. Die woonde daar samen met zijn vrouw en kinderen, zij hadden daar de nodige bombardementen overleefd. 7 maart zette pap de voettocht naar Schaijk voort, naar zijn ongeruste moeder die al zeven maanden niets meer van haar zoon had vernomen.

Opzoeken
Na dat heftige onweer in de jaren 80 zijn wij met het hele gezin naar Warbeyen gegaan, op zoek naar de boerderij van de familie Van der Sandt. Om alles beter te kunnen begrijpen.
Eenmaal daar aangekomen kwamen de herinneringen bij pap weer helemaal naar boven.
Zo stil als hij eerst in de auto was, zo druk werd hij daar.
“Hier gebeurde dit en daar heb ik geschuild en toen gebeurde er dat daar…” Hij bleef rondlopen, aanwijzen. Liet ons zien hoe hoog in die dagen het water was komen staan. Heel indrukwekkend.
Uiteindelijk kwam pap na dat zware onweer ook terecht bij artsen die gelukkig zijn angsten, zijn trauma’s, begrepen. In die periode hield het zwijgen bij hem op en werden er steeds meer oorlogsverhalen verteld.

Sorry voor het lastig vallen
Aan de man van ‘112’, we zijn weer terug in 2018, omschreef ik de donderklappen als bommen, alsof het huis werd aangevallen, als in een oorlogsscenario. Ik vertelde hem van het noodweer, van het knetteren van elektriciteit dat na de vele bliksemontladingen continue om mij heen rondzong.
“Is er een levensbedreigende situatie mevrouw?” vroeg hij met een vriendelijke geruststellende stem.
“Nee meneer, sorry dat ik u hiermee lastig val en dat ik de lijn onnodig bezet houd…” Het was slechts één minuut, maar toch!

Maar voor mijn vader was het toen wél een levensbedreigende situatie. Niet voor even, nee, dagenlang.
En pap, ik denk dat ik jouw angsten nu ietsepietsie beter snap…

Lieve groet,
Anneliese

Open Dag – 20 jaar De Bourgondische Hoeve

Noteren
Zondag 27 mei is het zover, de Open Dag op De Bourgondische Hoeve, vanwege het 20 jarig bestaan. Ik kijk er echt naar uit, maar vind het intussen ook spannend.

Natuurlijk is er in de aanloop veel werk te verzetten. Om alles op tijd klaar te hebben houd ik mij de hele week al aan de gemaakte planning. En volgens mij gaan alle plannetjes, die gedurende de afgelopen weken in mijn hoofd zijn ontkiemd, lukken. Mijn notitieboekje is op dit moment m’n grootste vriend. Alles kalk ik erin, zodat ik niets vergeet, hoop ik…

Jullie zijn van harte welkom!
Ondanks dat ik deze dag een intiem karakter meegeef, verkondig ik overal waar ik kom dat iedereen van harte welkom is. Hoe meer zielen hoe meer vreugd.
Op één van die adressen, het is weer eens bij de fysiotherapeut omdat mijn onderrug en knie protesteren, vertel ik hoe snel die 20 jaren eigenlijk omgegaan zijn.

Enthousiast meld ik ook de toegevoegde extra’s van die dag: een kraampje met de altijd zalige aardbeien van de buren Mario en Martien, schilder Geert met zijn kleurrijke aquarellen en over Angelika met haar super lekkere bonbons.
“En wat voor muziek heb je?”
“Muziek? Wat bedoel je?”
“Nou, is er levende muziek, is er een bandje die de sfeer een tandje omhoog gooit?”
“Weet je, als ik bij mij de ramen en de tuindeuren openzet heb ik het mooiste orkest dat je je kan bedenken: de vogels, puur natuur! En buiten dat, de mensen willen praten mét en luisteren náár elkaar.”

Verrassing
Als ik later thuis de oprit oprij, denk ik nog na over welke achtergrondmuziek hier zou passen. Maar op het moment dat ik de auto uitstap, krijg ik hierop gelijk het antwoord op een presenteerblaadje aangeboden: de kikkers!
Blijer kan je me niet maken. De mooiste muziekuitvoeringen hier op het terrein, verzorgd door de dieren wel te verstaan, is toch wel die van de kikkers in mijn vijver. Wat een bravoure, wat een uitgelatenheid. Met hun kwaakblazen produceren ze hoge en lage kwaakgeluiden waarmee ze elkaar het hof proberen te maken.

En nu zijn ze er weer, eindelijk, hier keek ik naar uit. Theo genoot hier altijd ook zo van…
Mijn gevoel zegt dat ze dit jaar iets later in de maand mei actief zijn dan de vorige jaren. Grappig, dit had zo maar een onderdeel van mijn planning kunnen zijn, één van die aantekeningen in mijn notitieboekje: Blaasconcert verzorgd door de kikkers. En dat dan precies in dit weekend. Mooi toch?!

Genieten met een grote G
En ik? Ik geniet van dit alles met volle teugen! Ik kijk uit naar de ontmoetingen, naar de vertrouwde gasten, naar het weerzien, hier bij mij op de Hoeve.

Maar goed, nu nog even de laatste puntjes op de welbekende ‘i’ zetten zodat, als jullie hier het terrein oprijden, dit allemaal picobello in orde is! Vanaf 12 uur staan zondag de deuren wagenwijd open en komt de geur van vers gezette koffie jullie tegemoet…

Lieve groet,
Anneliese. 

Kikkerfoto is gemaakt door Ingrid Wassenburg.